Nieuws en artikelen

Jongensprostitutie - Waarom kijken we weg?

Geplaatst op 28-11-2017

Jongensprostitutie – Waarom kijken we weg?

Het CKM acht het van belang dat masterstudenten die hun onderzoek over mensenhandel schrijven een podium krijgen om hun resultaten te delen. Zij schrijven op eigen titel en over hun eigen onderzoek dat raadpleegbaar is op www.mensenhandelweb.nl. Gerlise Vos heeft haar masterscriptie geschreven over jongensprostitutie. Ook bij WATCH Nederland kunnen mogelijke jongensslachtoffers worden gemeld. WATCH Nederland* is een initiatief van het CKM, Terre des Hommes en Fier die gezamenlijk de strijd aangaan tegen seksuele uitbuiting van minderjarigen. Bij WATCH Nederland kunnen ouders, verzorgers, familie, vrienden, kennissen en ieder ander die vermoedt dat een minderjarige slachtoffer is van een loverboy, hun signalen delen.

Jongensprostitutie. Een dubbele taboe in onze maatschappij? Het is een onderbelicht thema in de aanpak van mensenhandel en seksuele uitbuiting. We praten tenslotte over prostitutie en (veelal) homoseksuele contacten. In de wetenschappelijke literatuur is eveneens nauwelijks aandacht voor het onderwerp. De kennis over problematiek rondom prostitutie is veelal gericht op vrouwelijke prostituees. Bestaan er dan geen signalen van strafbare feiten met betrekking tot jongensprostitutie?

Neem Daniel. 21 jaar oud en woonachtig in de randstad. Hij ontvangt zijn klanten thuis, kan niet verplaatsen (in jargon; ergens anders afspreken) en heeft, naar eigen zeggen, al veel ervaring met prostitutiewerk. Een opvallend detail: Hij spreekt geen Nederlands en zijn Engels is ook beperkt. Daarom regelt iemand anders telefonisch zijn afspraken voor hem. De advertentie is echter in foutloos Nederlands geschreven.

Of Maarten, 15 jaar. Sinds kort doet hij betaald sekswerk, nadat hij benaderd werd voor betaalde seks door een klant. “Als ik dan toch seks wil en iemand is zo gek om me ervoor te betalen, waarom niet?”, zo vertelt hij mij tijdens een chatgesprek, “het verdient beter dan een baantje in de supermarkt”.

Of neem Jamie, 19 jaar, geboren in de Balkanregio, nu woonachtig in Amsterdam. Hij kan niet reageren op mijn chatbericht, want zijn baas kijkt mee. Kort daarna vraagt hij of ik van de politie ben. Ik vraag waarom hij dat wil weten. Geen politie, benadrukt hij, maar hij heeft wel hulp nodig. Ik vraag waarom. Hij herhaalt nogmaals: Geen politie, ik heb hulp nodig. In de hectiek van het moment overleg ik met mijn collega’s wat we gaan doen. Omdat hij meerderjarig zegt te zijn, kunnen we hem alleen aansporen zelf contact op te nemen met de politie. Of anders de GGD. We sturen de telefoonnummers door. Jamie zegt dat hij niet meer kan praten en verlaat de chatbox.

In opdracht van de Nationale Politie, Eenheid Zeeland – West-Brabant heb ik onderzoek gedaan naar strafbare feiten met betrekking tot jongensprostitutie. Daarbij stonden 1) illegaliteit, 2) minderjarigheid en 3) gedwongenheid centraal. Het is een zoektocht geweest, in een online wereld met een eigen terminologie en afkortingen, naar sekswerkers die bereid waren om te vertellen over hun werk. Door middel van een online enquête heb ik 1.643 mannelijke sekswerkers via chatboxen, websites en aanbodpagina’s benaderd voor het onderzoek. Uiteindelijk waren 80 mannen bereid mee te werken (respons rate: 4,9%). Dit geeft de geslotenheid van deze wereld duidelijk weer.

De resultaten spreken voor zich. Een klein aantal respondenten geeft aan gedwongen te zijn tot sekswerk. Daarnaast geeft 1 op 4 mannelijke sekswerkers aan als minderjarige te zijn begonnen met betaald sekswerk. Deze jongens beginnen vijf maal vaker op initiatief van de klant, dan dat zij op een andere wijze beginnen met betaald sekswerk. Hoewel we nu niet altijd kunnen spreken over mensenhandel of seksuele uitbuiting, zoals omschreven in art. 273f Sr, kunnen we dit wel definiëren als het aanzetten van een minderjarige tot prostitutie (art. 247 jo. art. 248b Sr), betaalde seks met een minderjarige (art. 248b Sr) en grooming (art. 248e Sr). Kortom: dit is jongensprostitutie.

Rondom (al dan niet vrijwillige) jongensprostitutie liggen verschillende problemen op de loer, waaronder economische dwang. Door de verdiensten van het sekswerk kunnen jongens een levensstijl ontwikkelen (uitgaan, vrienden, luxe producten), die ze enkel kunnen onderhouden door zichzelf te blijven prostitueren. Dit is een onwenselijke situatie, op zijn zachtst gezegd. Veelal roept dit gegeven reacties op van onverschilligheid, want “jongens willen toch seks” en “ze beginnen toch vrijwillig?”. Maar kunnen we wel verwachten dat minderjarige jongens deze afweging kunnen maken?

Binnen de Nationale Politie is groeiende aandacht voor deze onderbelichte groep. Daarbij komt een aantal knelpunten naar voren. De verwachtingen zijn dat de mensenhandelproblematiek binnen de vrouwenprostitutie groter is, waardoor het meer prioriteit krijgt. Daarnaast blijken mannelijke sekswerkers zich regelmatig uit te geven voor minderjarigen, omdat ze zo een hoger tarief kunnen vragen voor hun diensten. Kortom: er is een markt voor minderjarige jongens.

Bewustwording van het bestaan van deze groep is erg belangrijk. Want van (al dan niet vrijwillige) jongensprostitutie willen we toch niet wegkijken?

Gerlise Vos MSc
Forensisch Criminoloog – Startend Adviseur/Onderzoeker bij Significant.

Email: gerlise.vos@significant.nl

Significant is een onafhankelijk onderzoeks- en adviesbureau dat zich inzet om het publieke domein te verbeteren en te vernieuwen. Onze focus ligt op de zorg, veiligheid en justitie, sociaal domein, mobiliteit en de bedrijfsvoering van publieke organisaties.

Het volledige onderzoek is terug te vinden op http://www.mensenhandelweb.nl/document/de-wereld-van-de-mannenprostitutie.

* Voor meer informatie over WATCH Nederland zie www.watchnederland.nl

Naar overzichtKijk ook op mensenhandelweb.nl